Startersvrijstelling vaker gebruikt dan verwacht

Starters op de woningmarkt hebben vorig jaar vaker dan verwacht gebruik gemaakt van de startersvrijstelling. Dat blijkt uit een brief van staatssecretaris van Financiën Marnix van Rij aan de Tweede Kamer. In het Belastingplan 2021 was rekening gehouden met 80.000 vrijstellingen, maar dat zijn er in totaal 104.700 geworden.

Kopers onder de 35 jaar betalen sinds 1 januari 2021 eenmalig geen overdrachtsbelasting meer. Sinds 1 april vorig jaar geldt deze vrijstelling alleen voor woningen die niet duurder zijn dan 400.000 euro. Wie ouder is dan 35 jaar of een woning koopt die duurder is dan het genoemde bedrag betaalt 2 procent overdrachtsbelasting.

Akten
In 2021 blijkt in 104.700 akten een beroep te zijn gedaan op de startersvrijstelling. Bij 13.435 akten daarvan is sprake van een combinatie met het tarief van 2 procent. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn als slechts 1 partner onder de 35 jaar is.

Vaker dan verwacht
Dat er vaker van de startersvrijstelling gebruik is gemaakt dan verwacht, heeft volgens Van Rij 2 oorzaken. Ten eerste hebben veel starters gewacht met de aankoop tot januari 2021, zodat zij in aanmerking kwamen voor de vrijstelling. Ten tweede is het aantal woningtransacties in 2021 hoger dan voorzien.

Evaluatie
De Wet differentiatie overdrachtsbelasting wordt in 2024 geëvalueerd. Dan zijn er volgens de staatssecretaris voldoende relevante data beschikbaar om de doeltreffendheid en doelmatigheid van deze wet te onderzoeken. De resultaten van dit onderzoek komen waarschijnlijk in 2025 beschikbaar.

(Bron KNB)